Nieuws

Ballen in de klas op BHS

Camera Marije Geertsma Potlood Renske Woudstra

Lokaal nummer 17 is bijzonder. In tegenstelling tot de andere lokalen van de Burgemeester Harmsma School staan hier geen stoelen en banken. Nee, het lokaal van groep 1g herbergt ballen, statafels en balanceboards.

Sinds de meivakantie gaat alles anders voor groep 1g, de mentorgroep van Ilse Rinzema en Cees van Weperen. Vorig jaar deed Rinzema het idee op in Finland. “Ik bezocht daar een school met zo’n lokaal. Ze hadden er geen speciale reden voor om het zo in te richten. Maar de leraren waren er wel klaar mee om steeds te roepen: ‘ga eens zitten’.”

Lokaal 17 heeft dus zitballen in plaats van stoelen. Ze zijn er in diverse maten. In de hoeken twee zachte bankjes achter een kleurrijke tafel. Een favoriet plekje, deze hoekjes zijn als eerste bezet wanneer de klas om half negen binnenkomt. Een paar ballen worden erbij gerold en klaar is het groepje meiden in de hoek. Want ja, de leerlingen mogen zelf kiezen waar ze gaan zitten: op een bankje, bal of gewoon op de grond. En dat is bijzonder op de BHS.

Op de BHS werken leerlingen van verschillende niveaus intensief samen. “Voordeel is dat sommige kinderen zich dan kunnen optrekken aan anderen. De kinderen hebben in deze groep veel vrijheid. Je hoopt dan dat ze kiezen wat goed voor hen is, dat de zwakkere leerling regelmatig bij iemand gaat zitten die hem meetrekt. Dat lukt de ene keer beter dan de andere.” >>

Betrokkenheid

De school in Finland deed geen onderzoek naar het effect van de bijzondere klasinrichting. Rinzema doet dat wel, ze bestudeert het effect in het kader van haar onderzoeksmaster Talentontwikkeling en Diversiteit aan de Hanzehogeschool. “Ik onderzoek het stuk betrokkenheid van leerlingen bij hun eigen leren. Als je ze zelf hun plekje en opdrachten laat kiezen, raken ze dan meer betrokken?”

Het bevalt Sanne heel goed, die ballen in de klas. “Je kunt lekker stuiteren als je energie kwijt wilt.” Jitse constateert dat het hierdoor rustiger is in de klas. “Bist wol bezich mei bewegen. Ast dy even net konsintrearje kinst, giest even bewegen, dan wol it better.” Stefan: “Meist sels witte wêrst sitst. Ek ûnder de les meist fan plak feroarje. Ast op in stoel sitst, giest faak ouwehoeren, dan bist drok en sa.” En dat is een bijkomend positief effect van het project, merkt Ilse Rinzema.

Nog een onverwacht positief bijeffect: “Meestal zit je als leerkracht achter een bureau. Dan komen leerlingen naar jou toe. Nu loop je veel meer rond en hebt dus meer contact met de leerlingen.” Het project duurt tot aan de zomer. Of het daarna een vervolg krijgt, is nog niet bekend. Maar als het aan de leerlingen ligt blijven de ballen.