Cultuur

De laatste expositie

Camera Sietse de Boer Potlood Renske Woudstra

“Brrr, het is koud hier.” Piet Deunhouwer trekt huiverend de schouders op en steekt de handen in de vestzakken. Haast verbaasd overziet hij de schilderijen op de ezels en langs de wanden. Hij komt nauwelijks meer in het atelier achter huis. “Het schilderen is gedaan, ik heb mijn zegje gezegd.”

De 91-jarige kunstschilder uit Lippenhuizen vertelt het nuchter, alweer een paar jaar geleden heeft hij de penselen terzijde gelegd. Nee, lichamelijk mankeert hij niets, het vuur van het heilige moeten is geleidelijk aan gedoofd. “Zo gaat dat met oude mensen. Ik had niet langer de behoefte om me op deze manier uit te drukken.” Sindsdien kijkt hij alleen nog maar. Gewoon vanuit het raam over de landerijen. Of bladerend in zijn omvangrijke verzameling kunstboeken naar het werk van zijn grote voorbeelden. De zeggingskracht van schilders als Jeroen Bosch of Pyke Koch trof hem als kleine jongen al.

Toen, daar en daar

Heel af en toe gaat het atelier van het slot en grasduint Piet nog eens door zijn eigen werk. Althans wat ervan over is, hij heeft altijd goed verkocht. “Dan komen herinneringen weer boven: van ach ja, dat was toen, daar en daar. Ik werkte graag buiten.” Van sommige schilderijen kon hij geen afstand doen, zoals het kleurrijke paneel dat pontificaal in het atelier staat opgesteld: hyperrealistisch en daardoor bijna weer abstract. “Ik logeerde bij een vriendin in Assen en keek bij het wakker worden door het raam naar buiten. Aan de overkant van de straat lag een modderig bouwterrein met diepe voren vol regenwater waarin de strakblauwe lucht weerspiegelde. De bouwvakkers hadden een wirwar van planken uitgelegd om er met de kruiwagen overheen te kunnen gaan. De compositie was er al, ik heb alleen die rode ballon toegevoegd.” Nog altijd een goed werk, constateert hij tevreden. Of het ook een prominente plek krijgt op de expositie in It Alde Tsjerkje in Mildam, laat Piet aan de organisatoren van het Kunst Kollektief over. “Ik had zo’n eerbetoon niet meer verwacht.”

Holland-Amerika Lijn

Op zoek naar een geschikte atelierruimte voor hen allebei belandden Piet Deunhouwer en zijn vrouw Willy begin jaren zestig vanuit Den Haag in Friesland. “We kochten een oude kippenboerderij in Wijnjewoude en nadat we de zoldering van alle kippenstront hadden ontdaan, hadden we ieder een fijn atelier. Willy weefde wandkleden, onder andere voor de schepen van de Holland-Amerika Lijn. Ook een grote opdrachtgever voor Piet in die tijd: “Mijn schilderijen hingen in de Statendam, de Ryndam, de Maasdam, en ik weet niet wat voor ‘Dam’ nog meer.” Tienduizenden cruisepassagiers moeten ze hebben aanschouwd, het leidde zelfs tot een opdracht vanuit Amerika. Wat er in de loop van de tijd met al de immense panelen op de oceaanstomers is gebeurd? “Geen idee, ik weet toevallig dat een van die schilderijen bij een kapitein thuis hangt. Die wilde het graag hebben bij zijn afscheid.”

Kreuken

Zijn stijl is realistisch, altijd geweest. Aan abstractie had hij geen boodschap, de werkelijkheid was hem wonderlijk genoeg. Wel bestaat er zoiets als ‘een typische Piet Deunhouwer’. Aan de hand van het schilderij met de titel ‘Het Wachten’, een voorstudie die nog in de woonkamer hangt, legt hij de manier van werken uit. “Ik gebruikte daarvoor de marouflé-techniek, waarbij ik een vel papier verfrommelde en weer uitvouwde. Met een rietje blies ik vervolgens ecoline-inkt vanaf één kant tegen de kreuken aan waardoor er schaduwvorming en dieptewerking ontstond. Dan ging ik eens rustig naar het gespetter zitten kijken en liet ik mijn fantasie de vrije loop. Ik zag er landschappen in, figuren, scènes; toeval speelde altijd een grote rol bij de uitwerking. Aan de hand van een geslaagde voorstudie maakte ik dan een groot doek of paneel.”

Bulletje en Bonestaak

Als jongetje wilde Piet striptekenaar worden. “Ik was helemaal in de ban van Bulletje en Bonestaak, een van de eerste krantenstrips; ik tekende plakboeken vol met zelfbedachte cartoons.” Zijn ouders onderkenden het talent van hun enig kind en hadden er geen problemen mee dat hij naar de kunstacademie zou gaan, op voorwaarde dat hij zich bekwaamde in de toegepaste kunstvormen. “Ik groeide op in de crisisjaren, het vooruitzicht van brood op de plank vonden mijn ouders belangrijk.” Dat vond hijzelf ook, vrij schilderen bleef beperkt tot de weekenden en de vakanties. Doordeweeks werkte hij als illustrator, onder andere van talloze schoolboeken, en gaf hij les. Eerst in Den Haag, later na de verhuizing op het Ichtus en Andreas in Drachten. “Ik heb Dinie Boogaart en Jannes Kleiker nog in de klas gehad.”

Ook vanuit Friesland bleef Piet regelmatig met vrij werk exposeren in Pulchri Studio, het gerenommeerde kunstenaarsgenootschap in Den Haag. “Daar vloeiden dan weer opdrachten uit voort. Veel portretten.” Anders dan zijn opdrachtgevers vond hij zichzelf niet zo’n geweldige portrettist. “Een goed portret onthult iets van de innerlijke psychologie van de afgebeelde persoon. Ik ben meer karikaturist, met scherp oog voor uiterlijkheden.” Zo tekende hij een karikatuur van al zijn middelbare schoolleerlingen om die vervolgens aan de wand van het klaslokaal te prikken. Raakte de wand vol dan mochten de leerlingen hun beeltenis mee naar huis nemen.

Pietje Precies

“Ik was een pietje-precies en gedisciplineerd, direct na het ontbijt kroop ik achter de ezel”, zegt de oude kunstenaar terwijl hij in het atelier door een stapel naaktstudies bladert. Om de zoveel tekeningen vist hij er een exemplaar uit om nog eens peinzend tegen het licht te houden. Ach ja, schilderen, tekenen: het voelde nooit als werken. Hij kijkt terug op een rijk leven dat zijn eind nadert. “Het is goed zo.”

Galerie Mildam

Nog één keer is het werk van Piet Deunhouwer te zien voor publiek. In Galerie Mildam is van zondag 2 februari tot en met vrijdag 3 april een overzichtstentoonstelling. Galerie Mildam is open op vrijdag, zaterdag en zondag (14.00-17.00 uur).