Cultuur

Oerrockmienskip: belevenis voor en achter de schermen

Camera Barbara van Rijn Potlood Wim Bras

Bands, bier en bezoekers, die mix maakt Oerrock tot wat het is. Maar dat is op de festivalavonden zelf. Zonder het legertje van vierhonderd vrijwilligers zou er geen Oerrock zijn. “Wa wol hjir no net oan meidwaan?”

Vraag een willekeurige Oerrockvrijwilliger naar zijn mooiste festivalmoment en je krijgt uiteenlopende antwoorden. Opmerkelijk genoeg blijven de optredens van Anouk of pakweg The Dirty Daddies buiten beschouwing. “Ja, ek moai fansels. Mar it giet foaral om de sfeer meielkoar.” Voor de een schuilt de magie in het vooraf met elkaar opbouwen. Voor de ander vormt het stoom afblazen in de kleine uurtjes van de afterparty het hoogtepunt. Een derde bejubelt de gezelligheid en de onderlinge band tijdens de klussen die er nou eenmaal bijhoren.

Vaste prik

Neem Andrea van de friettent waar de vrijwilligers tussendoor even een snelle hap kunnen scoren. Ze troont al jaren haar collega’s van De Vrijbuiter in Roden mee om drie dagen lang patat en frikandellen te frituren en broodjes gezond te smeren. “Andrea heeft ons overgehaald en nu kunnen we Oerrock niet meer missen.” Amber, Sanne en Grietha en nog vier vriendinnen kennen elkaar uit de tijd dat ze samen naar het Liudger in Drachten opfietsten. Inmiddels studeren ze allemaal ergens anders, maar op Oerrock treffen ze elkaar. Vaste prik. Vanavond achter de bar op het middenterrein. “Wy ha promoasje makke”, grijnst Sanne. “Juster hiene we noch bartsjinst oan de sydkante.” Oerrock is een beetje reünie, aldus de meiden. Ze kijken vooral uit naar de afterparty straks na afloop. “Eltsenien kent elkoar.”

Jassen en tassen

Albertje Jetten verzorgt met andere leden van de plaatselijke korfbalclub de inname en uitgifte van de jassen en tassen tijdens het festival. “Us feriening docht de garderobe en de grutte skjinmaak nei ôfrin fan de dei.” Daar krijgt de korfbal voor betaald en die inkomsten kan de club goed gebruiken, aldus Albertje. Voorheen deed de vereniging ook het parkeerbeheer erbij, maar het lukte niet langer om zoveel vrijwilligers op de been te brengen. Al met al schat Albertje dat zo’n dertig clubleden elke avond in touw zijn. “Wol altyd deselden, hear. Mar dat makket it ek wer tige gesellich.” Hoogtepunt van de dag is het eind van de tweede shift als het publiek zijn spullen weer komt ophalen. “Dan makkest fan alles mei. Hilarysk. Ik bin ek wol in feestfierder en mei graach in bytsje mei-ouwehoere.”