Nieuws

PvdA: marktwerking moet uit de jeugdzorg

Potlood Wim Bras

Het Rijk heeft de gemeenten een kunstje geflikt: wel de gemeenten opzadelen met de moeilijke zorg, maar niet het benodigde geld bijpassen. En de eigen PvdA stond erbij en deed eraan mee. “We zijn in de neoliberale val gelopen”, zo klonk het donderdag op een partijbijeenkomst.

Hoe duur dat de PvdA is komen te staan, valt onder andere af te lezen aan de opkomst op de plaatselijke afdelingsvergadering vorige week donderdag. De grote zaal van De Buorskip is nauwelijks voor een derde gevuld, ondanks het aangekondigde bezoek van Tweede Kamerlid John Kerstens. Door gedoe in de Kamer en files lukt het de zorgspecialist van de landelijke fractie niet om op tijd in Beetsterzwaag te zijn. Hij heeft zijn knopen geteld en rechtsomkeert gemaakt.

Geen uitstel

“Dan doen we het met elkaar”, zegt gespreksleider Roel Haverkort, tot voor kort wethouder sociale zaken in Smallingerland. Want het thema van de avond duldt geen uitstel. De jeugdzorg in zijn huidige vorm schiet niet alleen tekort, maar zuigt ook de kas leeg. Gemeenten moeten diep in de reserves tasten om de boel draaiende te houden en de bodem van veel gemeentekassen komt komend jaar al in zicht. Ook tekenend: voor de zaal staan de drie zorgwethouders van Opsterland, Heerenveen en Smallingerland, wel allemaal van PvdA-huize. De partij mag er in Den Haag destijds onder Rutte een potje van hebben gemaakt, de lokale sociaaldemocraten gaan hun verantwoordelijkheid niet uit de weg.

Overhaast

“Terugdraaien die decentralisatie”, klinkt het vanuit de zaal. En ook: “Marktwerking en zorg gaan niet samen.” Daar denken de wethouders toch genuanceerder over. De zorg dicht bij de mensen brengen is een gedachte die al in de jaren negentig bij de PvdA opkwam. “Utsein de jeugdsoarch ferrint de transysje goed”, zegt Libbe de Vries (Opsterland). Jelle Zoetendal (Heerenveen) brengt in herinnering dat de jeugdzorg onder het ministerie nooit werkte. “Wij zitten er in ieder geval dichter op.” De integrale aanpak – in Heerenveen aangestuurd door ‘meitinkers’ en in Opsterland onder regie van het Gebiedsteam – is te waardevol om vanaf te stappen, aldus de wethouders.

Punt is: de gemeenten kregen niet de tijd om de overgang fatsoenlijk te regelen, bij de overheveling in 2015 ging de twintig procent korting op het zorgbudget direct in. Het eenmalige extra bedrag van 600 miljoen euro waartoe Den Haag onlangs besloot om de overhaaste invoering  alsnog recht te trekken, is bij lange na niet genoeg, aldus Cor Trompetter (Smallingerland). “Landelijk komen we structureel ruim twee miljard tekort.”

Naïef

Maar de crisis in de jeugdzorg is niet alleen op het Rijk af te schuiven. De gemeenten zijn te naïef ingestapt. Door te streven naar de beste zorg heeft Smallingerland zich vertild aan de kosten, zegt Trompetter. Opsterland ging te makkelijk op de stoel van de specialisten zitten. “Wy ha te lang tocht: dit losse wy sels wol op”, aldus De Vries. Heerenveen heeft net als de anderen verzuimd vooraf strakke afspraken te maken. Zoetendal: “Zolang we dat zelf niet goed regelen, kloppen we in Den Haag op een dichte deur.”

De suggestie uit de zaal van no cure no pay blijkt ook geen oplossing. Dan krijg je het afroomeffect waarbij zorgaanbieders de vingers niet willen branden aan complexe moeilijkheden. Opsterland stelt nu met de zorgverlener vooraf een behandelplan op en bekijkt achteraf met de zorgnemer hoe het is gegaan. De bekostiging, 70 procent in het vooruit en de resterende 30 procent bij resultaat, is daarop afgestemd. Een stap in de goede richting, aldus De Vries. “Mar it liedt ek tot swierdere soarch as needsaaklik is, omdat de oanbieders seker wêze wolle.” En de zogeheten ‘zorgcowboys’ dan? Die hebben de gemeenten in het begin onderschat, maar inmiddels selecteren de aasgieren van de vrije markt zich steeds meer uit.

Eindhoven

De PvdA-wethouders zien nog het meeste heil in het ‘model Eindhoven’: met de aanbieders vastleggen wat de werkelijk kostprijs is van een behandeling en daarbovenop een redelijk winstpercentage. “Een geleide manier van behandelen waarbij je feitelijk van marktwerking afstapt. Maar zo kunnen we wel het vertrouwen over en weer herstellen.”